MEER WETEN OVER
We kunnen Rottum niet verlaten voordat er iets meer verteld is over de historie van dit bijzondere plekje.
Een wandelingetje rond de wierde, waar in de Middeleeuwen een groot klooster heeft gestaan, én een bezoek aan de tentoonstelling in de kerk, is de moeite waard. In de 6e eeuw vóór Chr. vestigden zich hier al de eerste bewoners. In de eeuwen die volgden is de wierde opgebouwd. In de 13e eeuw vestigen Benedictijner monniken er het St. Juliana klooster.
Op een wierde westelijk van Rottum werd een uithof gebouwd. Dit was een grote boerderij van waaruit de uitgestrekte landerijen van het klooster werden bewerkt en beheerd. Het klooster oefende een grote invloed uit over de omgeving en bezat enorm veel landerijen tot in de verre omstreken. Dit voorwerk veranderde in een nonnenklooster, waar zo’n 40 nonnen kwamen wonen. Volgens overleveringen leefden de 40 nonnen eerst met de monniken samen in het klooster van Rottum. Dat was niet geheel ongewoon voor de Benedictijnse orde – zolang men de gelofte van kuisheid maar hoog in het vaandel hield. Maar die gelofte werd in het stille en afgelegen Rottum nogal eens vergeten. Meerdere kinderen waren het product van slippertjes tussen de monniken en de nonnen. Toen de heimelijke affaires en onzedelijkheid uit de hand ging lopen, moesten de nonnen vertrekken, en zij werden geplaatst op de uithof. Deze plek werd Betlehem genoemd.
Het leven voor de nonnen was vol met beproevingen, van roverij, verkrachtingen. In de loop der jaren traden de meeste nonnen uit, of verdwenen, meegenomen door een monnik van Rottum, een soldaat, of anders. Er bleven nog 8 nonnen achter, die uiteindelijk toch weer ingetrokken zijn in het Juliana klooster.
Het klooster heeft de tand des tijds niet overleefd. Brandstichting, verkrotting, en is het vervallen tot ruïnes, en uiteindelijk gesloopt. Op de fundamenten van de kerk is de huidige kerk gebouwd.
Vervolg je route op de Jacob Tilbusscherweg